Stap 1 De individuele voerbehoefte van je paard

Een paar belangrijke feiten op een rijtje over paarden in relatie tot voer en spijsvertering:

De natuur en de wijze waarop veel paarden gehouden ligt soms ver uit elkaar en dit kan tot problemen leiden.

In het WildIn Domesticatie
Eten zoekenHerbivoor, eet ruwvoer. Gem. 14 uur per dag
55.000 kauwbewegingen. Kauwen is een behoefte voor het paard!
Herbivoor, maar eet naast ruwvoer ook krachtvoer
3-5 uur per dag
7.000 – 10.000 kauwbewegingen
VoerhoeveelheidKleine beetje gedurende de dag2 a 3 x in kilo’s tegelijk
StressNauwelijksVaak veel
RustenGem. uur of 7 per dag
waarvan ook een deel geheel plat liggend
Soms wel 23 uur per dag op stal. Plat liggen soms ook niet mogelijk
Sociaal contactContinu sociaal contactSoms weinig tot geen sociaal contact met paardachtigen
WeerstandGoede weerstand door frisse lucht, gevarieerde voeding, vacht, sterke hoeven en benenMinder weerstand. Stal vaak te stoffig en /of te vochtig. Dekens, beschermers
JeugdGeboren in natuurlijk omgeving. Ontwikkeling van goede darmflora. Afspenen bij ongeveer 9 maandenAfspenen soms al <4 maanden. Onvoldoende ontwikkeling van goede darmflora



1.1 Wat zijn de kenmerken van jouw paard?
Het is belangrijk te weten wat je voor een paard hebt en wat de kenmerken zijn. Heb je een raspaard? Dan is het belangrijk te weten of je een warmbloed of koudbloedtype paard hebt. Een koudbloedtype paard heeft een mindere behoefte aan energie en eiwit dan een warmbloedtype paard.

Is het een merrie, ruin of hengst. Dit heeft ook invloed op de energie en eiwitbehoefte.

Heb je een groot of een klein paard. Misschien heb je een fjord en is deze gemiddeld groot van stokmaat. Dan moet je daar rekening mee houden.

Hoe is je paard gebouwd? Is het rondgeribt of eerder smal van borstkas? Paarden met ronde ribben hebben meer ruimte voor darminhoud en het duurt ook langer voor deze paarden ‘vol’ zitten dan een paard wat veel smaller is.

Heb je een jong of een oud paard? Een jong paard heeft meer voedingsstoffen nodig voor de groei en een oud paard kan misschien minder voedingstoffen verwerken (bijvoorbeeld ook door gebitsproblemen) waardoor het meer voedingsstoffen nodig heeft.

Het is belangrijk om je paard dus in zijn geheel te bekijken!


1.2 Wat is de conditie van je paard?
Om te weten of de voeding van je paard voldoende is, teveel of misschien te weinig is het belangrijk dat je een inschatting kunt maken van de conditie van je paard. Want als je paard te dik is, dan dien je de voeding van je paard aan te passen om te voorkomen dat het nog dikker wordt. Andersom als je paard te mager is en niet genoeg voeding krijgt, dan dien je daar ook rekening mee te houden.

Een mooie manier om een inschatting te maken van je paard is met de body condition score (BCS). Tegenwoordig zijn veel paarden te dik. Een paard wat te dik is kan veel gezondheidsproblemen krijgen.

bron foto: Bokt.nl

Via de onderstaande link, vind je uitgebreide informatie en filmpjes hoe je zelf een inschatting kunt maken bij je paard. Deze informatie is afkomstig van dr. Anneke Hallebeek. Bij haar heb ik onder andere een cursus over paardenvoeding gevolgd.

https://www.paardenarts.nl/kennisbank/body-condition-score-bcs-weet-jij-of-je-paard-wel-of-niet-te-dik-is/


1.3 Wat is het streefgewicht van je paard?
Het ideale gewicht voor een paard wordt bepaald door schofthoogte, ras en bouw. Het is belangrijk om bij het voeren van je paard de streefgewicht of ideale gewicht te gebruiken. Hieronder vind je een indicatie (dr. A. Hallebeek, 2020)

RasStokmaat (m)Gewicht (kg)
minipaardjetot 1.1090-200
shetlander1.00-1.10200-225
welshpony, kleintot 1.22200-275
welshpony, middel1.22-1.37275-350
welshpony, groot1.45-1.52400-500
new forest1.25-1.45300-400
connemara1.25-1.48300-450
ijslander1.30-1.45300-450
fjord1.35-1.48400-500
haflinger1.35-1.55450-600
arabier1.45-1.50400-450
tinker1.45-1.60500-800
draver1.50-1.65500-600
fries1.50-1.63500-700
kwpn1.60-1.75550-700
belgisch trekpaard1.55-1.70700-1000


Naast het streefgewicht heb je ook het daadwerkelijke gewicht van je paard nodig. Het beste kun je dit bepalen met een weegschaal. Dat is het meest nauwkeurige. Nu zijn die vaak niet meteen voorhanden. Je kunt daarom ook je paard opmeten en doormiddel van een formule het gewicht berekenen. Zie hiervoor: https://www.paardenarts.nl/bereken-het-gewicht-van-je-paard-met-een-formule/

1.4 Hoe wordt je paard gehouden – management en huisvesting?


Staat je paard op stal of op een paddock paradise? Het management van je paard is belangrijk. Hoe meer je tegemoet komt aan de natuurlijke behoeften van je paard, des te beter en vaak hoe gezonder je paard. Voor paarden is eten een dagbesteding (9-14 u)! Het paard moet bijvoorbeeld in alle rust kunnen eten en voldoende mogelijkheid hebben om voer passend bij het paard te kunnen eten. Een paard wat vrij kan bewegen heeft een betere darmwerking.

Stress kan van grote invloed zijn op het paard en de opname van voer en voeding. Paarden ontwikkelen snel maagzweren (ook recreatiepaarden, gemiddeld 40% heeft maagzweren). Je paard moet dus in alle rust kunnen eten.

Heeft je paard ook weidegang? Bedenk dan dat dit zowel voor als nadelen heeft. Meer hierover verderop.


1.5. Gebit en mestcontrole
Hoe ziet het gebit van je paard eruit? Laat het gebit van je paard regelmatig ( 1 – 2 x p jaar) nakijken door een gediplomeerd professional (kan elektrisch de gebitsverzorging doen). Signalen dat er iet mis kan zijn:
– langzaam eten
– mond open bij het eten
– gewichtsverlies
– veranderingen in de mest, koliek
– proppen maken van het ruwvoer

Beoordeel regelmatig de mest van je paard. Een gezonde darmflora begint al in de veulentijd. Vezels zijn de voedingsbodem voor ‘goede bacteriĆ«n’ en een gezonde darmflora.
– slappe mest en/of mestwater -> kan een fermentatiestoornis zijn (zand?)
– harde droge mestballen -> kan een passagestoornis zijn of slecht fermenteerbaar voer
– zie je veel lange vezels terug of hele graankorrels -> gebit of eetprobleem?


1.6 Wat doe je met je paard – training?
Een paard heeft voer nodig om dit om te zetten in energie. Energie is nodig voor de basis processen in het lichaam. Om te kunnen bewegen, te kunnen eten, voor de stofwisseling en voor de warmte productie. Sommige paarden hebben extra energie behoefte nodig. Dit kan zijn doordat het paard drachtig is, melk moet geven of omdat er inspanning gevraagd wordt.

Dat laatste gaat nog wel eens mis bij het voeren van paarden. Veel mensen denken dat hun paard extra (kracht)voer nodig heeft door de training die ze met het paard doen. Dit is vaak niet het geval. Bij zware inspanning op geregelde basis, denk aan paarden die in de topsport lopen (eventing, springen, endurance etc.), is er vaak pas extra energie in de vorm van voer nodig. Bedenk goed dat paarden bewegingsdieren zijn en gemaakt zijn met een efficiƫnte verbranding van energie.

Maak een inschatting wat voor inspanning je paard verricht in de training.
Bijvoorbeeld: 3 x per week gemiddeld 45 minuten grondwerk/longeren of rijden in de bak en in het weekend een buitenrit van 1,5 uur staat gelijk aan lage inspanning. De meeste paarden hebben daarvoor geen extra (kracht)voer nodig.


In de volgende les, stap 2: Inschatten of het ruwvoer wat je voert past bij je paard